Een jaar geleden besloot ik in een lammetjesstal op Texel geen vlees meer te eten. Mijn respect en toenemende liefde voor de natuur kon ik niet meer rijmen met mijn levensstijl. Ik hou van dieren, vind ze lief en zie geen verschil met de poezen en hond die ik ooit had. Maar waarom zag ik dat pas in in die stal op Texel? Dat heb ik in de loop van dit jaar geleerd. Ik ben, net als iedereen, opgegroeid met ‘het onzichtbare geloofssysteem dat ons conditioneert om bepaalde dieren te eten’. Dr. Melanie Joy, heeft dit carnisme genoemd (zie het filmpje). Pas nadat ik die kraamkamer op Texel verliet had ik het lef me te verdiepen in de wereld die voor ons verborgen gehouden wordt.

Hoe dacht ik dan eerst?
Toen ik heel klein was dacht ik dat dieren voor ons dingen deden. Een koe gaf melk (lief hè?´) een kip legde eitjes (bedankt kippie!) en een schaap gaf ons witte witte wol (lekker warm). Wat ouder geworden kreeg ik van mama hele lekkere karbonaadjes in de jus of geroosterde kip (wie wil het kluifje?). Langzaamaan kwam dan het besef dat het van een dier was maar hè …. dat dier had een leuk leven gehad en toen het heeeeeel oud was en dood ging werd het naar de slager gebracht zodat de mensen het konden kopen en er sterk en gezond van zouden worden. Tot zover “het verhaal”.

Conditionering
Flink groot geworden was “het verhaal” eigen geworden en was ik net als iedereen geconditioneerd: vlees eten en melk drinken hoorde erbij, dat was normaal, iedereen deed dat en ik dacht er niet meer bij na. Maar het was en is in feite niets anders dan de ideologie van de massa. Ik weet dit nu omdat ik niet meer mijn ogen sluit. Vroeger werd ik geïrriteerd als een vriendin die vegetarisch was geworden mij eens wat afschuwelijke foto’s en artikelen onder mijn neus hield. Waarom was ik geïrriteerd? Later met de komst van internet kwamen beelden voorbij waar ik boos van werd. Waarom was ik boos? Debby van Velzen (Nederlandse vereniging voor veganisme) zegt hierover “Als iemand verontwaardigd is, dan is dat meestal omdat mensen zich wel realiseren dat de manier waarop wij met dieren omgaan niet oké is, maar hun gedrag hier niet mee in lijn is. Door plantaardig te eten of te vertellen over veganisme hou je mensen een spiegel voor.” Dus daarom reageerde ik zo, ik keek in die spiegel en dat was confronterend: ik wilde geen immoreel mens zijn.

Stal
Nu ongeveer een jaar later ging ik terug naar die lammetjesstal. Ik nam een lammetje op schoot en keek ernaar, voelde de warmte en het vertrouwen in mij van dit 1 week oude beestje. Het zal een tijd bij z’n moeder kunnen blijven en spelen in de wei want dit is een fijne boerderij maar dan zal ook dit leven veel te vroeg eindigen in het slachthuis. Tot zover het biologische zogenaamd verantwoorde leven. Ik denk aan de koeien en varkens in de verborgen wereld van de megastallen die een gruwelijk en kort leven leiden. Ik denk aan alle lieve mensen die ik ken die katten en honden hebben en zich net als ik zorgen maken over de walvisvangst en het regenwoud, het doodknuppelen van zeehondjes voor bont, en jagen verschrikkelijk vinden maar toch hun vork zetten in een gebakken lamspoot of gestoofde kip. Dat vind ik zelf het moeilijkste aspect van mijn overstap maar ik kan mensen begrijpen door het mechanisme van conditionering te snappen.

Toekomst
Mijn wereldbeeld is ingrijpend veranderd. Ik schreef een kinderboek, hield een presentatie, schrijf blogs over veganisme en leerde nieuwe etenswaren kennen. Op feestjes en visite gaat steevast het gesprek over veganisme. Er is niets wat zoveel discussie oproept, als zeggen dat je geen dierlijke producten eet. Vaak krijg ik dezelfde vragen en reacties en daarmee merk ik hoe de meeste mensen gebaande paden lopen. Veranderen is lastig, eng en ongemakkelijk, dat snap ik als geen ander. Voor mij was er een “aha-erlebnis” nodig, een ervaring waarbij ik plotseling geconfronteerd werd met een diep gevoel van waarheid. Het voelt goed. Worden wie je bent duurt kennelijk lang.